Wat vinden onze klanten?

Cadenza Onderwijsconsult adviseert en ondersteunt klanten op verschillende niveaus binnen hun organisatie met betrekking tot allerlei aspecten van hun werk.

Bent u benieuwd hoe zij dit ervaren? Lees hier wat zij van onze dienstverlening en werkwijze vinden.

Resultaatgericht werken - VCPO Noord Groningen

Resultaatgericht werken - VCPO Noord Groningen

Resultaatgericht werken - VCPO Noord Groningen

Egbert Kruidhof, bovenschools directeur VCPO Noord-Groningen
(Interview, november 2011)

Een kleine staf, goed zakelijk leidinggeven, voor de nieuwe ideeën de beste adviseurs binnenhalen en wel onderhandelen over de prijs. Dit is de aanpak die Egbert Kruidhof, bovenschools directeur van VCPO Noord- Groningen al jaren hanteert. En niet zonder succes. Pas het laatste jaar is er sprake van een tekort op de begroting, verder is VCPO Noord-Groningen altijd financieel en ook qua resultaten overall ‘goed gezond’ geweest. Egbert werkte tussen 2008 en 2012 meermalen samen met Cadenza Onderwijsconsult.

Zou je de diensten van Cadenza Onderwijsconsult aanraden aan collega’s?
“Als je een heldere, strakke en met name doortastende aanpak zoekt dan moet je met Cadenza in zee gaan.  Als je hun producten gebruikt moet je wel inzien dat het consequenties heeft voor je bedrijf. Het heeft geen zin om vaardigheidsmetingen te doen en gewoon iedereen door te laten hobbelen. Dat is evident, lijkt me.” 

Wat vind je van de verhouding prijs-kwaliteit?
“Ik zeg altijd: we sturen op resultaten, dus dat geldt voor mij maar ook voor het adviesbureau. Als ik naar de ALDI wil dan ga ik naar de ALDI, maar ga ik naar Albert Heijn dan verwacht ik meer kwaliteit. De prijzen van Cadenza zijn stevig, maar je krijgt ook echt kwaliteit. Gaat er eens iets mis, dan wordt daarop ook meteen actie ondernomen.

Wat was je eerste contact met Cadenza Onderwijsconsult?
“Eind jaren ‘90 was ik zelf al bezig met het INK-model. Ik zag daar brood in. Begin 2000 moesten we als VCPO Noord-Groningen ons strategisch beleid vorm gaan geven op de langere termijn. Ik wilde dat systematisch gaan opzetten volgens het INK-model en ik zocht mensen die ons zouden kunnen coachen. Vooral om het INK-model op het onderwijs toe te passen. Ik vernam dat Theo Wildeboer hiermee bezig was. Ik bezocht een bijeenkomst in Eelde die hij organiseerde en was gecharmeerd van zijn zakelijke uitstraling. De ‘harde’ benadering van het onderwijs – gericht op resultaten. Dat wilde ik ook. En zo zijn we begonnen met het cyclisch werken volgens het INK-model en het sturen op resultaten.”

Resultaatgericht werken is veel meer in zwang gekomen. Ook bij jullie?
“Je moet scoren in het onderwijs. En dat vind ik ook echt. Ik ben in 2006 naar New York geweest. Daar hangen de schoolresultaten van kinderen breeduit in grafiekenin de hal. Directeuren die onvoldoende leeropbrengsten halen, vliegen eruit. Of je nou 95% Spaans sprekende kinderen op je school hebt of niet. Je kunt dat hard vinden, maar het is wat mij betreft een goede mentaliteit. Je doet mee om te winnen of niet.”

Wat heb je met Cadenza gedaan om de resultaatgerichtheid binnen jullie organisatie te verhogen? 
“In  september 2010 hebben we intern onze nieuwe plannen rond het thema opbrengstgericht werken geïntroduceerd. We hebben een studiedag georganiseerd die we ‘Dubbeltje wordt een kwartje’ hebben genoemd. We hebben met het MT de training schoolleider als piloot gevolgd in Lelystad. En we hebben breeduit de VHM vaardigheidsmeter instructiegedrag geïmplementeerd.”

Hoe bevalt het werken met de VHM?
“Die VHM heeft veel goeds gebracht. Leerkrachten praten er met elkaar over. Je mag best iets fout doen, maar het is wel de bedoeling dat je aan je tekortkomingen werkt. Dat is de sfeer ook. Binnen de teams spreken mensen elkaar veel makkelijker aan op hun professionele handelen. De workshops van Fred Kramer vallen hier ook erg goed. En Ad Bastiaansen wordt ingezet als coach, als mensen uitvallen op bepaalde onderdelen van de VHM. Dat gaat ook prima. Ik ben tevreden over de manier waarop de mensen van Cadenza coachen en cursussen geven.”
Kun je een cultuur zo beïnvloeden?
“Ik moet zeggen dat ik het geluk heb dat ik de directeuren mee heb hierin. En mijn klanten ook.  Als ik de MR-en vraag wat vinden jullie nu van de resultaatgerichte manier van werken die we nu hebben ingevoerd. Dan zeggen ze: het werd tijd! Bij ons in het bedrijf werken we al jaren zo, ik verwacht van school niet anders. En daarin hebben ze ook gelijk.”

In december ga je afscheid nemen van je werk om van je pensioen te genieten. Zullen de resultaten beklijven?
“De grote lijnen liggen vast in ons strategisch beleidsplan. En we hebben een uitgebreid VHM-beoordelingsbeleid. De nieuwe directeur straks zal ongetwijfeld een eigen stijl hebben, maar de richting waar het heen moet, is voor de komende jaren volkomen helder voorgeschreven. Voor alle thema’s zijn heldere streefdoelen geformuleerd. En er zal gewerkt moeten worden. We willen kinderen optimaal voorbereiden op een steeds veranderende maatschappij. Dan kun je zelf niet gemoedelijk achterover leunen. Natuurlijk mag het gezellig zijn op school. Goed en gezellig gaan uitstekend samen.”


Kwaliteitszorg en eigen academie - Maatman Enschede

Kwaliteitszorg en eigen academie - Maatman Enschede

Gea Jansen Directeur van Het Maatman VSO en Prof. Huizingschool SO in Enschede
(Interview oktober 2011)

Gea Jansen is directeur van twee scholen voor cluster 2 (communicatieve /auditieve problemen). Zij komt oorspronkelijk niet uit het onderwijs, maar heeft wel ervaringsdeskundigheid. “Mijn jongste kind heeft een cluster 2 toewijzing.”

Haar ervaringen
Hoe lang werk je als met Cadenza Onderwijsconsult samen?
Sinds twee jaar ongeveer.

Met wie?
Met Jessica Knopper, Jaap de Jonge en met Theo Wildeboer.

Wat hebben jullie bereikt?
We hebben samen een kwaliteitstraject uitgevoerd en het niveau van beide scholen opgetrokken van ‘zwak’ naar ‘basisarrangement’. Voor beide scholen dus. Verder hebben we onze eigen academie in de steigers gezet: De MaatmanAcademie.

Hoe bevalt het werken met Cadenza?
Heel goed. Het planmatige is een sterk punt. En verder vooral: het echte samenwerken. Ze luisteren goed naar je en ze doen er wat mee. Ik kon zelf een grote inbreng hebben. En Cadenza neemt de mensen mee, medewerkers worden gehoord en ondersteund. En ook uitgenodigd om hun autonome rol op te pakken.

Soms zeggen mensen: begin niet aan adviesbureaus, je komt er nooit meer vanaf.
Dat is hier dus niet zo. Wat we hier starten, kunnen we ook los van Cadenza verder ontwikkelen. Zo hoort dat ook. We doen bijvoorbeeld met Jaap de Jonge nu metingen op basis van de inspectiekaders. Op basis van die ‘zelfdiagnose’ weten we precies waar we aan moeten werken en dat kunnen we prima zelf.  

Waar werken jullie nog aan door?
Met Theo Wildeboer en Jessica Knopper werk ik verder aan de ontwikkeling van de MaatmanAcademie. Met Theo op inhoud met Jessica op de coördinatie. Dat loopt soepel, bijna vanzelf.

Maatmanacademie?
Wij gaan voortaan onze eigen medewerkers zelf scholen – daarvoor is een digitale leeromgeving ontwikkeld. De twaalf modules voor het eerste jaar zijn helemaal klaar. Het programma voor de volgende drie jaren staat in de steigers. Het doel is dat iedere medewerkers jaarlijks vier scholingsmodules kiest uit het aanbod, op basis van het eigen POP-plan. Elke module is beslaat een dag. Dat maakt het heel praktisch. Begin oktober (2011) zijn de eerste 120 mensen begonnen!

Hoe loopt het?
Eerst was men wat afwachtend. Dat hoort een beetje bij onze regio. Maar aan het eind van de dag waren de reacties overwegend enthousiast – mensen vonden het heerlijk eens een dag bezig te zijn met ontwikkeling en vooral ook om dat samen met collega’s van de andere school te doen. Het gaat gewoon goed en we denken dan ook aan uitbreiding. We gaan het andere scholen mogelijk maken om zich aan te sluiten. Dat doen we zodra we alle kinderziektes eruit hebben. Sommige modules zijn echt clusterspecifiek, maar er blijven nog genoeg modules over die prima te gebruiken zijn voor andere schooltypen. Die kennis delen we graag.
 
Heb je nog een verbeterpuntje voor Cadenza?
Nou nee. Of ja. Ze zouden hier wat meer om de hoek mogen zitten!

VHM Instructiegedrag - VSO Van Lieflandschool Groningen

VHM - VSO Van Lieflandschool Groningen

Marjan Nijman is interim leidinggevende op de afdeling VSO van de Van Lieflandschool in Groningen. Zij is dit schooljaar (2010/2011) aan de slag gegaan met het toepassen van VHM, als onderdeel van een totaal kwaliteitszorgtraject. Haar ervaringen:

Is het eng?

Leerkrachten vonden het in het begin echt wel spannend toen we begonnen met vaardigheidsmetingen in de klas.  Maar die angst smolt weg toen we eenmaal goed en wel aan de slag waren. Leerkrachten willen best reflecteren op hun handelen.  

Hoeveel tijd kost het?
Wij hebben een voorbereidende bijeenkomst voor het team gehouden van twee uur. Verder kost het per leerkracht vijf kwartier observatie en anderhalf uur nagesprek.  Daarna heb je direct - indien nodig - een verbetertraject in kaart.  

Wie zijn bij de metingen aanwezig?
In principe is het afnemen van de VHM een zaak tussen leidinggevende en leerkracht. De eerste keren doe je het samen met de adviseur van Cadenza. Zo leer je hoe het precies moet. Dat is wel belangrijk. Ik heb meegelopen met Fred Kramer en die liet zien hoe je op een heel constructieve manier met het instrument kunt omgaan. Alle gesprekken verliepen heel positief en bemoedigend. De leerkrachten gingen echt weg met het idee ‘hier kan ik wat mee’. Ze voelen zich geholpen.

Wat vind je er zelf van?
Ik vind het een heel prettig instrument. Als directeur moet je weten wat er in de klas gebeurt. En met dit instrument lukt dat heel goed.  Ik ben zelf ook VIB-er. Video-interactie is ook een mooi middel. Het verschil met de VHM is, dat de VHM nog iets zakelijker is, iets meer sturend. Er zijn 23 indicatoren en die check je. Als je het goed doet, voelen leerkrachten zich gehoord en gezien en  weten ze op welke punten ze zich kunnen verbeteren. Wat op een hoger level erg prettig is: het zijn direct ook de punten waar de inspectie naar kijkt.

Wat zijn de beperkingen?
De VHM focust vooral op instructiegedrag en het activeren van leerlingen en enkele heel praktische zaken zoals ‘begin je de les op tijd’.  Die focus is op zichzelf juist de kracht, het zijn juist de dingen waar we op Van Liefland aan willen werken. Ik kan me wel voorstellen dat we op een gegeven moment een thema toevoegen dat we zelf nog belangrijk vinden. Maar dat komt wel als we eenmaal gewend zijn aan de jaarlijkse metingen.

Kun je de VHM aanraden?
Absoluut. Het is een ideale manier om een totaalbeeld te krijgen van je hele school. En dan direct van je primaire proces. Dat is wat je wilt als directeur.




Ervaringen

Marjan Nijman
Adjunct-directeur VSO Van Liefland
"De VHM is een ideale manier om een totaalbeeld te krijgen van je hele school. En dan direct van je primaire proces. Dat is wat je wilt als directeur." Lees meer...

Medewerkers

Gert van Tol
Directeur
"Mijn drijfveren liggen in het feit dat ik geloof dat we als rentmeesters op deze aarde ons steentje mogen bijdragen. Mijn steentjes liggen in het onderwijs: “No child left behind." Lees meer